Tagarchief: recensie

Hebt u dit al gehoord?

20161009_133403Er zijn steeds meer interviewers, op de radio én op tv die zichzelf erg graag horen praten. Die liever praten dan luisteren. Ze herhalen een antwoord (dat hoeft niet hoor, ik heb toch net zelf gehoord wat de gast zei?), verzinnen er nog wat bij, nemen een lange aanloop op een volgende vraag waar ze graag nog een bijzin, omdat het kan en omdat zij immers de ‘host’ zijn, aan toevoegen. Tegen de tijd dat de gast iets mag zeggen is het alweer tijd voor het volgende onderwerp.

In #ditism begint Margriet met “Hebt u dit al gezien?” en dan volgt er een filmpje. Van mij mag ze dat vervangen met “Hebt u dit gehoord?” met een filmpje waarin een wanhopige gast probeert een vraag van haar te beantwoorden. En weer dóór!

Wordt er helemaal niet nagepraat over de uitzending? Als je op die stoel zit, dan zit je daar omdat je een goed gesprek kunt voeren en ons luisteraars wijzer kunt maken. Lijkt me lastig als je in de redactie zit en je bereidt het heel goed voor maar ja helaas, de gast krijgt niet zoveel tijd. Misschien heeft iemand die in die redactie zit niet zoveel ambitie (?). Ik roep maar wat…

Trouwens, de meeste praatprogramma’s hoeven niet op tv. Het is prima te doen terwijl je de vaat  wast. Meer dan geluid erbij heb je niet nodig. Oh, heb je een vaatwasmachine? Nou schoonmaken kan ook, zelfs stofzuigen gaat prima. Tegen de tijd dat je klaar bent is er net even tijd voor een antwoord. Als gast moet je heel geduldig zijn.

En weer dóór.

Eigenlijk wilde ik de redactie mailen. Toevallig dit keer van #Ditism maar het kan ook een ander programma zijn. Waarom ik dat niet gedaan heb? Omdat ik het sterke vermoeden heb dat het toch niet serieus wordt gelezen, laat staan dat er iets verandert.

Daarom schrijf ik het hier op mijn blog met de stille hoop dat er misschien iemand dit leest die het laat lezen aan iemand anders en …. voor we het weten is het hele programma gewijzigd.

Dat allemaal door één blogje van mij.

Jee, ik verheug me nu al op een echt goed programma.

Fijne avond!

ps: al snel komt er een reactie in mijn mailbox van een vriendin. Ik ‘geef’ hem hier:

Matthijs van Nieuwkerk gezien als presentator van College Tour? Strafrechtadvocaat Bénédicte Ficq kwam er in het begin nauwelijks tussen. Matthijs stelde een vraag en gaf zelf het antwoord. Zwaar irritant. Ik vond Ficq steeds sympathieker worden.
Een heleboel kijkers geven de vriendin gelijk: Mag ik het misschien rustig uitleggen?

 

Laat mij maar lopen – aflevering 4 – ze zijn er opeens!

Dit is niet de route Via de La Plata! maar de camino francés
Dit is niet de route Via de La Plata!

Niet te geloven!

Het leek onmogelijk, zeker als je de introductie weer voorgeschoteld krijgt, dat deze pelgrims ooit Santiago zouden bereiken. Maar natuurlijk bereiken zij Santiago ook al moesten ze de Via de la Plata in een te hete periode lopen. Voordat ze in Ourense waren moesten ze een kilometer of 3 over een industrieterrein. Dat zag er niet leuk uit en daar hoorde ik ze over mopperen.

Nergens tijd voor

Ruim 30 km moet er afgelegd worden op de laatste dag. Marcella heeft harde muziek nodig. Om te kunnen doorlopen? De camino is niet bedoeld als uitputtingsslag. Dan kun je beter meedoen aan de 4 daagse in Nijmegen.Non non rien n’a changé van “Les Poppys” zingt Marcella mee terwijl ze oortjes in heeft. Jammer dat ze zich daarmee afsluit voor de natuur, voor andere pelgrims.  Geen contact met Spaanse mensen. Ook de andere Nederlanders hebben geen contact met Spaanse pelgrims.  Ik versta ze niet….

“Willen jullie dadels”wordt er gevraagd… dat verstaan ze niet. Ze lopen er niet naar toe, proberen het niet te begrijpen maar zeggen van een afstandje “I’m okay”.

Wat denken die Spaanse pelgrims nu? Er lopen een aantal Nederlanders gevolgd door een hoop camera’s maar daar moet je vooral geen contact mee leggen. Ze verstaan het toch niet en ze moeten door. Ze hebben het al zo zwaar.

Degelijke bouw

SAINT JACQUES DE COMPOSTELLE  ANNIVERSSAIRE JO 033Eindelijk zijn ze bij het klooster van Oseira. Dit lees ik op de website: In een van de immense bijgebouwen is de pelgrimsherberg gevestigd.  Terwijl Piet de bouw van bet klooster bewonderd “zal niet gauw instorten, degelijke bouw”stort Fleur bijna in.”Je zag er niet uit vanmorgen” zegt iemand tegen haar.
Tip: zeg iets positiefs en herinner mensen er niet aan dat ze er niet uitzien.

Surprise! Hier kun je een broodje eten.

Verrassingen zijn ook wel wat. Piet kent een patisserie omdat hij de route al zoooo vaak gelopen heeft.  De camerabeelden begrijp ik niet. Een close-up van de knieën  van Piet en een broodje in zijn hand. Ja? Piet heeft zijn vrouw weer aan de lijn “ben met het klimmetje bezig bij Ulla”  Ondertussen loopt Marcella huilend omhoog. Heel emotioneel.

FOTO_324

Dan opeens al de beroemde mis in de kathedraal. De reis is ten einde. Opzwepende muziek. Alleen nog maar herinneringen.

Mijn column over de camino stopt hier ook weer heel abrupt.

Laat mij maar lopen – vervolg

Vientiane, LaosExpeditie Robinson-achtig.

Nu ik de hele aflevering het tv programma Laat mij maar lopen van omroep Max vanaf het begin heb gekeken is het nog vreemder dan ik al dacht (mijn vorige blog ging hier ook over)

De serie begint met beelden die de indruk geven alsof de deelnemers bezig zijn met een Expeditie Robinson: een hinkende vrouw, een vrouw in tranen, een voetblessure, een oudere man die bijna neerstort in een fauteuil die op de Camino staat, de groep dansend op een pleintje, een eenzame man in een woestijnachtig leeg gebied.  Opzwepende muziek en een indringende voice-over geven het gevoel alsof het om iets heel uitzonderlijks gaat. De serie begint zo’n beetje met het eindpunt: het plein in Santiago.

Salamanco – Via de la Plata – de Zilverroute

FOTO_337

Ja, het is écht waar. Ze starten 500 km zuidelijker in Salamanca. Ze wandelen gemiddeld 25 km per dag en ik kan je verzekeren dat dit erg veel is als je er zo aan begint. Bijzonder dat er gedaan wordt alsof je allemaal gezamenlijk in een kathedraal je pelgrimspaspoort uitgereikt krijgt. Je kunt zo’n pelgrimspaspoort op allerlei plekken aanschaffen, ook al in Nederland. Zo schaf je je pelgrimspaspoort aan.

Ik heb er geloof ik 2 liggen. Een die vol is en de ander die ik weer kan gebruiken als ik nog eens ga lopen. Het verhaal over de Sint Jacobsschelp die je krijgt en zichtbaar moet dragen is nieuw voor mij. Zelf heb ik nooit een schelp gedragen en ik kan me nog wel herinneren dat Marie-Claude die er wel één had, er na een tijdje genoeg van had dat de schelp heen en weer wiebelde op haar rugzak en hem eraf haalde. Is dat verplicht sinds 2018?? Zo moeilijk is het niet om te zien dat iemand de route loopt toch? Alsof iemand met een te volle rugzak die flink doorstapt (of juist loopt te hinken) niet herkenbaar is.

“Overnachtingen zijn geregeld”

Dat zegt de voice-over tenminste. Heeft Omroep Max dat gedaan?

Bij mij was niets geregeld en zo hoort het ook. Het idee is dat je juist wég van alle planning en geregelde zaken een tijdje aan het wandelen slaat, niet dat je in een strakke planning zo snel mogelijk weer iets van je EmmerLijst af kunt strepen.
Bijzonder dat Paquita ze zo hartelijk begroet in de eerste albergue. Met een zoen nog wel. Nog nooit meegemaakt. Welnee. Soms was de albergue nog dicht, soms moest je een tijdje wachten tot je je mocht inschrijven of je liep heel gewoon naar binnen en groette en kreeg een stempeltje.

Mannen en vrouwen slapen door elkaar

Ja, dat herken ik wel. Waar soms wel eens verschil in werd gemaakt: snurkers of geen snurkers en dan was er een ruimte voor de snurkers. Soms als snurkers niet wilden toegeven dat ze snurkten (“Ik, snurken? Hoe kom je erbij!”) bleef die kamer bijna leeg. Bijna, want ik vond het dan wel een goed idee daar te gaan slapen. Gegarandeerd dat ik dan beter sliep dan in de ruimte waar de zogenaamde niet-snurkers sliepen ;-).

Tip: kies de slaapkamer waar de minste mannen slapen want die snurken toch echt vaker én harder. Zorg er ook voor dat je niet bij laatkomers op een kamer wordt ingedeeld want die hebben vaak al een drankje op en dan ….. Juist u weet het.

Bedwantsen

Waarschuwing: ga er NIET op googelen, dan wil je echt niet meer gaan wandelen en durf je nooit meer ergens anders te gaan slapen. Gelukkig heb ik daar nooit last van gehad! Ik kan me wel herinneren dat dokter Laszlo een keer iemand iets aanraadde te gebruiken die in een albergue had geslapen en er last van had. Zijn hele lichaam zat onder de bulten. Dat was een goedkope albergue weet ik nog en wij vonden het er niet zo oké uitzien op die slaapplek. Dat de rugzakken allemaal in een hoes moesten heb ik ook nooit meegemaakt. Er is een hoop veranderd,  of misschien is het wel toeval dat we dit nu net op tv zien (?)

“De lakens waren schoon” hoor ik een deelnemer zeggen. Zelf gebruikte ik mijn eigen lakenzak én mijn eigen lichtgewicht slaapzak. Lakens op de bedden kan ik me niet herinneren…

Bier bestellen

“Dos cervezas” hoor ik Marcella zeggen. Misschien handig als je weet dat tapbier una cana is (denk de tilde boven de n er maar bij) anders hebben ze soms de neiging om je een duur(der) buitenlands biertje te verkopen.  Als je daar zin in hebt moet je dat natuurlijk bestellen…

Eerste etappe Salamanca – Urbanizacion El Chinerall 23 kilometer

Ongeveer zes uur lopen om mee te beginnen: veel te veel! “De route is vlak” Ja, dat wil wel op de meseta. Om 11.00 is het al 28 graden! Te heet om dan nog veel door te lopen maar ja het moet voor het programma hè?

Postkantoor

dsc00389

Wat Sam doet is wel weer herkenbaar: spullen terugsturen die je teveel hebt ingepakt in je rugzak(20! km). Leuk, ligt er post op je te wachten als je thuiskomt 😉 . Vaak heb ik mensen naar postkantoren zien zoeken en lopen om iets terug te sturen (en mopperen als het postkantoor dicht was…) Er zijn een aantal postkantoren in Frankrijk en Spanje die vlakbij de route liggen en die kunnen blijven voortbestaan vanwege te optimistische pelgrims die veel hebben meegenomen.

Tot zover mijn commentaar. Vanavond aflevering 2. We zijn benieuwd! Meer over #laatmijmaarlopen

Laat mij maar lopen, de camino anno 2018

Programma op NPO 1 bij MAX”Laat ze maar lopen

een bodemloze put

Wat? Ik verbaas me. Het begin van het programma “Laat mij maar lopen” heb ik gemist dus wat eraan vooraf ging weet ik niet.

Blikjes drinken?

De camino lopen in 2018 gaat héél anders dan een jaar of 12 geleden.
Ik zie twee heel vermoeide mannen op een bankje zitten en uit een blikje drinken. Dát kan ik me niet herinneren gezien te hebben toen ik de camino liep. Iedereen dronk water.  Is dat iets nieuws? En wat hoor ik even later “nee, ik bewaar die appel en banaan voor onderweg ergens”. Dat deden we niet hoor. Als er ergens eindelijk een winkeltje open was (Stéphane beweerde dat alles altijd overal nét die dag dicht was als hij er langs kwam),  dan aten we alles direct op wat we nét gekocht hadden. Heel efficiënt ook. want zo hoefde je niets in je rugzak te proppen. Reserve-voedsel hadden we wel zoals pure chocola (als het niet te warm was) een blikje sardientjes, wat noten en soms had er iemand opeens nog een half rolletje biscuits die al slof *waren. Als er een café open was, dronken we koffie en vulden we de waterfles bij.

Vroeg op!

Ik verbaas me ook over de aankomsttijd van de wandelaars in het programma, 17.00! En er komt zelfs iemand pas om 19.30 aan. Ik vraag me meteen af hoe laat ze vertrokken zijn… Dat is niet echt fijn in de hitte. Wij vertrokken rond een uur of 5.30 –  in de warme periode  en soms had je dan al terwijl je nog in je bedje lag, al het tikken van de stokken (van een wandelaar die nóg vroeger was vertrokken) gehoord. We waren eerder op dan de zon als we wisten dat die de hele dag ging schijnen. Tegen 13.00 waren we er meestal al en was het tijd voor een siesta. Vervolgens een drankje en daarna een menu del pellegrino.

Zwembad

Heel veilig hier, kwaliteit heb ik niet beoordeeld

Hè, ik heb nooit overnacht in een albergue met een zwembad. Heb ik die albergue gemist? Of is dat ook anno 2018, luxer? Dit geeft toch een geheel verkeerde indruk. Je was al blij als je  een warme douche kon nemen in de meeste albergues in Spanje.

Als ze in het dorpje El Cuba del Tierra del vino aankomen vraag ik me af waar ze in godsnaam zitten. Niet dat ik na zoveel jaar alle dorpjes bij naam weet, maar toch, ik weet zeker dat ik daar nooit gelopen heb. |Even googelen en ik zie dat ze vanaf Salamanca vertrokken zijn). Aha, lekker de heetst mogelijke route uitkiezen in een hete periode. Heeft MAX dat bedacht of hebben ze dat zelf bedacht?

Alleen op de wereld?

En waar zijn andere pelgrims? Of hebben ze gevraagd of die uit beeld konden lopen? Misschien moet ik toch maar iets meer bekijken van dit programma om alle verschillen te benoemen. Tot nu toe heb ik in het korte stukje al 1 persoon gehoord die gebeld werd terwijl ze aan het wandelen was. Kijk dat had je toen nog hélemaal niet. Hooguit ontvingen mensen een smsje en werd er meteen gevraagd of het geluid uit mocht (da’s niet zo fijn als je net ligt te slapen) O ja, sommige erg goed georganiseerde Fransen waren wel drukker in de weer met hun telefoons omdat die in eigen land soms belden om hun overnachting te  reserveren. In Spanje stopten ze daar wel weer mee omdat bellen duur was, ze geen Spaans spraken of omdat het in Spanje niet werkte. Je vond altijd wel een plekje ergens, in een kerk, ergens bij buurbewoners van de albergue in het dorp (als het opeens druk was) of bij de burgemeester van een dorpje die dan samen met zijn vrouw de hele tijd aan het tellen was hoeveel matrassen hij nog ergens vandaan moest slepen. “Had ik jou al gehad? Had jij al een matras? En jij?”

Als je nog een beetje nostalgie wilt dan kun je mijn camino-verhalen lezen, beginnen bij camino-1

Disfruta la lectura.

Buen camino!

Dave Eggers

De monnik van Mokka

In Sir Edmund, de zaterdagboekenbijlage van de Volkskrant, staat een recensie van het nieuwe boek van Dave Eggers – “De terugkeer van Mokka”.

De recensie van Hans Bouman klinkt veelbelovend “Van Jemenitische koffie een razend spannende oorlogsthriller maken, laat dat maar aan Dave Eggers over. ” Ook in The Guardian lees ik een fijne recensie van The Monk of Mokha

Mijn tip: begin vast met één van de andere boeken van Dave Eggers . Zelf begon ik met “Een hartverscheurend verhaal van duizelingwekkende genialiteit”, gevolgd door “Wat is de wat”, daarna “Zeitoun” en De Cirkel. Juist, er ontbreken er nog een paar.

Over “Wat is de Wat” schreef ik in 2010 een recensie en omdat ik dit boek graag weer onder de aandacht wil brengen, hier deze (bewerkte) recensie .

Wat is de wat
Je kunt lezen in de krant over Soedan, je kunt de beelden zien, echter het boek dat Dave Eggers heeft geschreven in naam van Valentino Achak Deng onder de titel “Wat is de wat’ slaat alles. Een hele week lang had ik het gevoel in twee werelden te leven. Een wereld vol met alles wat we gewoon vinden; vrede, veiligheid, luxe. Na mijn werk, dook ik in die andere wereld: Valentino’s wereld vol met gevaren, geweld en angstige momenten, teleurstellingen en toch altijd weer die hoop. Enorme veerkracht, flexibiliteit, creativiteit, eindeloos geduld en wereld wijsheid.

Samen met Valentino
Ik heb het gevoel dat ik met Valentino door dorpen ben gerend, ‘s nachts samen met hem en andere kinderen in een kring sliep, door rivieren waadde terwijl ik niet kon zwemmen, en vrienden zoveel vrienden achterliet, het soms niet meer zag zitten maar toch altijd weer verder ging. Als Valentino hoofdpijn had wilde ik dat ik zijn hand kon vasthouden, dat ik hem een mooi verhaal kon vertellen om de pijn te verlichten.
Iedereen zou dit boek moeten lezen of zoals Valentino zegt:  “Ik zal verhalen vertellen aan mensen die willen luisteren en aan mensen die niet willen luisteren, aan mensen die naar me toekomen en aan degenen die hard weglopen.”

Helpt het?
Dit boek bewees mij wederom dat boeken, en films meer raken dan krantenberichten hoe noodzakelijk die mogen zijn. Ik heb door dit boek meer geleerd over de “Lost Boys dan ik ooit uit de krant haalde of kon begrijpen.

Political Map Of Africa Stock Vector & Stock Photos | Bigstock

Je neemt een deel van Valentino mee. Soedan staat voor eeuwig op de kaart, en Valentino krijgt een plaats in je hart.
Dank aan Dave Eggers die dit hartverscheurende verhaal van Valentino met zoveel liefde opgeschreven heeft. Hij begrijpt dat we behoefte hebben aan verhalen. Zie het als een Longread en neem de tijd. Kom los van je schermpje, rek je uit, masseer je pijnlijke schermnek en kies voor een fysiek boek.

Niet verkrijgbaar?

Vraag ernaar bij je plaatselijke boekhandel.  Als die het boek niet op de plank heeft staan maar alleen stapels exemplaren van één en hetzelfde boek van Dit Moment heeft liggen én beweert dat dit een ouder boek is waar niet meer naar gevraagd wordt… zeg dan:

” Het is een absolute must dat u van dit boek een heleboel exemplaren heeft staan want Juffie heeft er wéér over geschreven. Het blijkt dat dit verhaal waardevol is en gelezen moet worden. Wanneer heeft u het weer in voorraad? Ik kijk er erg naar uit dit boek te lezen!”

Wie meer wil weten van The Lost Boys, klik hier. Valentino heeft een stichting Lost Boys opgericht.

De omslag van Wat is de Wat van Dave Eggers werd verkozen tot Mooiste Boekomslag 2010 door de verzamelde Nederlandse boekhandelaren. Prachtig die Afrikaanse voetafdruk.

Nog niet overtuigd? What is the what schoot naar de top van de bestsellerlijsten in de VS en werd door de Volkskrant destijds uitgeroepen tot een van de beste drie Engelstalige boeken van het jaar.

De titel verklaard
Waarom heet het boek ‘Wat is de wat’? In de titel staat het voor het onbekende (wat), dat wat de Dinka (bevolkingsgroep in Zuid-Soedan) niet gekozen hebben. Het Wat. Is dit onduidelijk? Dan zou ik zeker het boek gaan lezen…

 

 

Verplichte kost voor elke opleiding creatief schrijven

DSC01011Het lijkt me een mooie binnenkomer als je op een opleiding creatief schrijven begint met hoofdstuk 18, Het beroep schrijver uit het boek Waarom ik lees, de veranderde wereld van het boek (where I’m reading from) van Tim Parks.  Bekijk zijn eigen website eens. Je ziet dat Tim Parks óók een Facebookpagina heeft, en ja, de website begint met aanbevelingen van andere schrijvers en andersom zal het ook het geval zijn. Hij weet hoe het werkt, eh ik bedoel: dàt het (zo) werkt. U ziet vast steeds vaker die die stickertjes ‘ aangeraden door DWDD‘.

Moet ik een Facebookpagina aanmaken?

Er werd al spoedig een situatie bereikt waarin zeer weinig auteurs enorme aantallen boeken verkochten terwijl enorme aantallen schrijvers zeer weinig verkochten (..) Het werd duidelijk dat de taak van de auteur er niet alleen maar in bestond een boek af te leveren, maar ook in het promoten van zichzelf op elke mogelijke manier. Hij begint een website, een Facebookpagina, neem misschien een eigen pr-man in dienst (…) ..schrijft aanbevelingen voor collega-auteurs in de hoop dat het compliment zal worden geretourneerd.

Zonder docenten, mèt marketing?

Een van de mythen omtrent de opleidingen in creatief schrijven is dat studenten erheen zouden gaan om te leren schrijven. Als ze dat daar al leren, is dat een leuke bijkomstigheid, die echter niet noodzakelijk met de opleiding te maken heeft; ergens een jaar lang gaan zitten schrijven zou vermoedelijk een gelijk resultaat opleveren, zelfs zonder docenten. Nee, de studenten volgen de opleiding om zichzelf te laten zien aan docent-schrijvers die in de positie zijn (denken ze!) in hun aan te leren hoe ze zich aan een uitgever moeten presenteren. Bij de meeste opleidingen in creatief schrijven hoort tegenwoordig wel een cursus over hoe je agenten en uitgevers moet benaderen en reclame kunt maken voor eigen werk. Ze worden kortom klaargestoomd voor de job.

Waarom geef ik les?

Tim Parks schrijft over de noodzakelijke inkomsten voor oudere schrijvers ( als docent van schrijfcursussen) die moeite hebben om de eindjes aan elkaar te knopen.  Verder beschrijft hij het voorspelbare aanbod. Volgens hem zit niemand te wachten op iets nieuws. Alleen op een nieuwe versie van iets ouds. Als hij zelf boeken leest die hij moet beoordelen omdat hij in een jury zit, leest hij vaak een voorspelbaar boek waarin ‘literair’ gedaan wordt. Natuurlijk is er wel behoefte aan een rebelse schrijver  door een zogenaamd anti-conventioneel publiek maar het dilemma is dat diezelfde schrijver, wil hij succes hebben, hoe langer hoe meer moet afstemmen op de logica van een industriële machine en hij trekt de conclusie dat succes en roem imitatoren voortbrengen.

(de foto maakte ik in Waterstones, een boekwinkel gevestigd in het centrum van Newcastle- Blackett Street. Het gebouw is ontworpen door de architect Benjamin Simpson en werd in 1903 gebouwd. Je vindt het tegenover Grey’s Monument. In de boekwinkel kun je trouwens een stuk goedkoper koffie drinken dan in het trendy café&restaurant van Jamie Oliver er vlakbij, én je hebt altijd iets te lezen bij de hand.)

 

 

 

 

Wie is er gemeen?

‘U bent gemeen’zei de ober toen ik iets zei van de manier van vermelden op de menukaart en van de prijs. Mijn vriendin vond hij ook gemeen. We zijn gemeen.

 Amersfoort

Al die gemenigheid ontstond vorige week op een terrasje, een mooi zonnig terrasje op het Onze Lieve Vrouwenplein in Amersfoort. Omdat we een lange wandeling achter de rug hebben kiezen we voor de stoelen die én nog half in een zonnetje liggen én een kussentje in de stoel hebben. Op één kussentje liggen overduidelijk nog hondenharen dus we rangschikken het zo dat we twee redelijk schone kussentjes in de stoel hebben liggen.

Niet schrikken

Van achter klinkt het’”Niet schrikken!”  en de ober presenteert zich. Natuurlijk schrikken we wel, je schrikt namelijk van iemand die je van achter besluipt.

We hebben amper de tijd gehad te kijken wat er is op de kaart maar goed, er is wit bier van de tap” van Grolsch. Op de kaart staat “verschillende bieren v.a. 2.40”. Als we daar later op wijzen (omdat we 4.50 moeten betalen voor 1 wit biertje van de tap) zegt de ober iets dat erop neerkomt dat alleen een gewoon biertje 2.40 is en de rest (veel) duurder maar volgens hem kun je op je vingers natellen dat het duurder moet zijn. Je kunt dus volgens hem rustig op de kaart zetten: Vanaf 1 euro en dan noem je 1 dingetje dat 1 euro kost en de rest is flink duurder. Wij noemen dat schrikken van de prijs en ik zeg dat ik dit niet zou aanraden aan iemand en dat vindt hij “gemeen”.

Nog een keer: niet schrikken!

Pas dan begrijp je waarom er ondanks de kussentjes in de stoelen bijna niemand op het terras zit en iedereen bij de buren zit, of de overburen. Je trapt er maar één keer in. Zeker als je merkt dat het een hobby is van de obers om je te besluipen. Als je weet dat je moet zeggen:”Niet schrikken” dan weet je toch ook dat je beter op een andere manier kunt komen aanlopen?
De tweede ober staat namelijk ook opeens achter me en ik schrik ondanks het “niet schrikken”.

“Wat wilt u?” vraagt hij. Ik kijk verbaasd, we hebben besloten het bij 1 drankje te houden en vriendin is even naar het toilet.
“U wenkte mij”.

Eh, nee, ik wees mijn vriendin aan bij welk terrasje we zitten zodat zij weet bij welk café ze naar het toilet kan gaan”.

“Oh” Hij kijkt een beetje nors en loopt langzaam weer terug.

Dit is een normale prijs

De eerste ober informeert ons nog: overal in alle andere kroegen is het net zo duur. Natuurlijk gaan we op weg naar huis even informeren en goh, wat verwonderlijk: er is geen enkele kroeg waar het 4.50 kost, wel goedkoper.

Thuis lees ik op Iens heel wisselende commentaren op het eten, de service en de prijs/kwaliteit/hoeveelheid verhouding van deze plek. Als die obers dat lezen, zullen ze dat vast heel gemeen vinden. Vaker dan gebruikelijk worden er dikke onvoldoendes uitgedeeld.

Het Kannetje De Kruik gaat zo lang te water tot zij barst.